Gastblog van Iris: bijzonderwijs

Onderwijs haalt het nieuws. Vrijwel iedere dag is er wel iets over te lezen. En de laatste tijd vaak in mineur. De salarissen van leerkrachten in het basisonderwijs wijken negatief af van andere HBO-beroepen, de werkdruk is extreem hoog, de uitval eveneens, carrièrekansen nihil en de druk van buitenaf zwaar. Ouders zijn kritisch, trachten vaker dan ooit hun gelijk via instanties van buitenaf of zelfs de rechter te halen –ook over zoiets als een schoolfoto of plaatsing in een klas, je verzint het niet– en het Ministerie maakt van de scholen een doekje voor ieder maatschappelijk bloeden.

Burgerschapslessen om voorbereid te zijn op onze pluriforme maatschappij? De school! Gezonder leven en meer bewegen? De school! Engels? De school! Beter voorbereid zijn op een digitale maatschappij? De school! Minder verkeersslachtoffers? De school! Genderneutraal zijn? Op school! Kunsteducatie: je raadt het al: de school. Taal, rekenen, spelling? Ik heb zo’n vermoeden…. En dat in gemiddeld zo’n vijf-en-een-half uur per dag.

Vijftien jaar geleden maakte ik de overstap van de zorg naar het onderwijs. De eerste vraag die mij bij het assessment voor de zij-instroomopleiding werd gesteld was waarom ik van de ene noodlijdende sector naar de andere overstapte. Verrassend. Ik geloof dat ik geantwoord heb dat noodlijdende constructies een wonderlijk soort aantrekkingskracht op mij uitoefenen (dus politie: hoedt u!).

Non-profitorganisaties hebben mijn hart. Zieken, oude mensen, mensen die op de één of andere manier net iets meer pech dan gemiddeld hebben en  kinderen. Het zijn vaak mensen die tot de kern komen. Open en eerlijk zijn, omdat hun positie ze kwetsbaar maakt. Ze zijn zoals ze zijn en ze hebben niets te verliezen. Dat geeft de relatie een extra dimensie. Zelden heb ik zulke mooie, verrassende, open, verdrietige, humoristische en diepgaande gesprekken gevoerd. Zelden ben ik zo met mezelf geconfronteerd als in de gezondheidszorg en in het onderwijs. Het heeft me een rijker mens gemaakt. Figuurlijk, dat dan weer wel. Vandaag was te lezen dat het geklaag en gemopper het onderwijs “minder sexy” maken. Zó had ik mijn vak nog niet bekeken. Sexy.

Ik herinnerde mij direct een voorval in de klas. ’s Morgens bij het aankleden viel mijn oog op een paar oorbellen dat ik zelden droeg. Ze pasten wel heel goed bij de kleren die ik voor die dag had uitgekozen. Maar: ze waren ook groot en tamelijk aanwezig. Niet iets dat ik van nature kies. Doe eens gek, dacht ik die ochtend.

In de klas zag ik wat kinderen verbaasd en onderzoekend mijn kant op kijken. Met name dat ene jongetje. Afkomstig van de boerderij; naïef en down to earth. Geen poespas. Duidelijk en oprecht.

Eenmaal aan het werk wist ik weer waarom ik het – nog steeds – vaak bij kleine oorringetjes hield. In al mijn bevlogenheid en beweeglijkheid zag ik kans één van de oorbellen met enige regelmaat te verliezen. Mijn ware aard verloochende zich niet. Ongeduldig deed ik na de zoveelste keer ook de andere oorbel uit en gooide ze min of meer op mijn bureau. Niets voor mij, die overdreven dingen!

Die middag –we waren druk aan het werk– verstond ik een paar keer in successie een antwoord niet en vroeg om herhaling. Vriendelijk merkte eerder genoemd jongetje op: “Misschien moet je die supersonische oorbellen maar weer eens indoen…? Vanmorgen hoorde je beter!”.

Onderwijs niet sexy? Hoezo?

Er valt een inhaalslag te maken op randvoorwaardelijk gebied, dat is ontegenzeggelijk waar. Leerlingen verdienen beter dan nu, in het huidige stelsel. Tegelijkertijd blijft het onderwijs een fantastische sector. Eén waarin elke dag veel te leren valt. Waarin de leerkracht en de leerlingen elkaar een spiegel voor kunnen houden. Bij elkaar de fakkel van leergierigheid, nieuwsgierigheid en interesse kunnen ontsteken. En waar, als je er oog en oor voor hebt, de humor voor het oprapen ligt.

Als je het wil, maakt het onderwijs je bijzonderwijs.

Als dat niet sexy is…

 

 

Geschreven door Iris

 

 

Share Button

2 gedachten over “Gastblog van Iris: bijzonderwijs”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *