#wetoo

We zitten samen in de auto, op weg van een restaurant naar huis. Het was een gezellige avond ter ere van een verjaardag. We waren uitgenodigd om aan te schuiven. Ik ben de bijrijder in mijn eigen Feestje. Niet omdat ik te veel gedronken heb, maar omdat zij graag stuurt. Sinds ze op uur en tijd met haar scheurijzer naar bevallingen rijdt, kent ze de wegen veel beter dan ik. 

We zijn allebei stil en luisteren naar een interview op de radio met een vertegenwoordiger van Justitie. Het gesprek vindt plaats naar aanleiding van alle bekendmakingen over de ongewenste seksuele intimidaties. We worden overspoeld met openbare aantijgingen via social media. We oordelen al voordat het proces begonnen is. Het zet verhoudingen op scherp, kost carrières en levert veel gespreksstof op. Het zet ons aan het denken over hoe we met elkaar omgaan, wat we geacht worden normaal te vinden en hoe we onze grenzen beter kunnen aangeven en bewaken.

De dame van Justitie pleit hartstochtelijk voor het doen van aangifte bij de politie. Vertel je verhaal en zorg dat de dader erop aangesproken kan worden, adviseert ze. En laat er vooral geen weken overheen gaan!

Ik kijk opzij naar de bestuurder van mijn auto. Het is inmiddels een jaar of tien geleden dat ze fietsend op weg naar huis was en werd aangesproken door een gezette jongen die haar naam kende. “Hee jij…….!” zei hij enthousiast: “stop eens even!”. Ze stopte, omdat ze dacht dat ze elkaar kenden.  Dat had ze beter niet kunnen doen. Hij zag zijn kans schoon, greep haar bij haar pols en trok haar van haar fiets. Ze kon ontkomen voordat de handelingen écht heel dramatisch zouden zijn geworden. We besloten aangifte te gaan doen, althans, dat dachten we.

Het lokale politiebureau bleek niet meer toegankelijk voor aangiften. Een tamelijk onvriendelijke dame reikte ons een telefoonnummer aan van een ander bureau waar aangiften op dit vlak zouden kunnen worden gedaan. We moesten wel rekening houden met een wachttijd. Er werd uitsluitend op afspraak gewerkt.

Ik zocht contact met het bureau in kwestie. Daar werd mij een ontmoedigingsbeleid voorgespiegeld. “Bent u zich ervan bewust dat de verhalen worden gecheckt?”, vroeg een medewerker aan me. Ja, dat lijkt me logisch. Alsof we een verhaal verzonnen hebben. “En als u het verhaal komt vertellen is dat nog geen aangifte, die kunt u later officieel indienen als u wilt”. Wij begrepen van de gang van zaken helemaal niets meer. Wat klantonvriendelijk, dit.

Een aantal weken later bracht ik haar op uitnodiging naar een beveiligd politiebureau. Daar werd haar verhaal genoteerd. “Wil je officieel aangifte doen?” werd haar gevraagd, nadat ze hortend en stotend met het schaamrood op haar kaken het verhaal gedetailleerd aan twee politiemensen in uniform had verteld.  De consequentie daarvan zou zijn dat de dader opgeroepen zou gaan worden én dat haar naam daarbij genoemd zou kunnen worden. Haar naam zou ook in de officiële aangifte komen te staan. Ze twijfelde. Ik twijfelde ook. De dader was ons inmiddels bekend en was onderdeel van een hele groep. Wat zouden we veroorzaken als haar naam onder zijn neus gewreven zou worden en hem een sanctie opgelegd zou worden? Wilden we dit risico lopen? We besloten er even over na te denken.

Ze koos er zelf voor vanwege het gebrek aan privacy geen aangifte te doen maar het bij een melding te laten. Ze besloot nog wel de naam van de dader aan het bureau door te geven. Zijn naam zou aan de melding worden toegevoegd, werd haar gezegd. Ze zouden wel eens met hem praten als er ooit tijd voor zou zijn. We hoorden er nooit meer iets van.

De oproep zoals die nu op de radio gedaan wordt staat haaks op onze ervaringen van jaren geleden. Aangifte doen is niet zo simpel. Het is geen toegankelijke weg om te gaan. Je wordt niet vriendelijk of begripvol bejegend. Je bent niet meteen aan de beurt. Direct aangifte doen is een utopie. En bescherming van het slachtoffer is verder niet aan de orde.

In stilte rijden we verder. Haar angst is gesleten. Ze begeeft zich midden in de nacht in dorpen, steden, in drukke straten en afgelegen steegjes. Ze is overal waar haar medische hulp nodig is.

Ik weet wie hij is. Meerdere keren kwam ik hem in de stad tegen en overwoog ik hem eens goed in zijn nekvel te grijpen en hem met het nagelschaartje uit mijn handtas eigenhandig te castreren. Als hij ooit voor mijn wielen komt, weet ik niet of ik erg hard zal remmen. Ik had best graag  voor eigen rechter gespeeld, maar wist dat de gevolgen daarvan voor mij en mijn bloedjes groot zouden zijn geweest. Ik beheerste me, uiteraard.

Zij en ik kijken elkaar kort aan en ik geef haar een knipoog. Mijn dappere kind. Ze zit nog heerlijk naast me. De ouders van Anne Faber konden niets meer doen voor hun dochter. Ik denk aan hen en ik tel mijn zegeningen.

Hoewel ze niet voor de publieke weg koos, behoort ook zij tot de grote groep slachtoffers. En ik tot de grote groep mensen die eigen rechter had willen spelen. Omdat het te dichtbij kwam. Zij en ik kozen beiden voor een andere weg, destijds ingegeven door angst en berusting. En mede daardoor loopt de dader nog vrolijk rond met z’n vrienden. Het recht is soms krom.

#wetoo.

Share Button

Eén gedachte over “#wetoo”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *