Blauwe envelop

Hij bestaat nog, de blauwe envelop. Ik meende ergens gehoord te hebben dat deze uit het straatbeeld zou verdwijnen, maar efficiënt als de overheid is wordt eerst de voorraad opgemaakt. Wel jammer dat ze mijn brievenbus daarvoor gebruikt, maar dat terzijde.

Bij thuiskomst tref ik er één aan, zo’n verzamelaars-exemplaar. Ik ruk ‘m open en sper mijn ogen. Naheffingsaanslag. Te betalen: 5.215 euro.

Afgelopen voorjaar schreef ik me in bij de Kamer van Koophandel, liet een mooi visitekaartje ontwerpen en deed een aantal schrijfopdrachten. Ik had een mini-bedrijf en had geen mega-grote plannen, behoudens het legaal vorm geven van mijn creatieve brein.

Bij het startpakketje van de Kamer van Koophandel werd mij een belastingaangifteformulier overhandigd. Ik probeerde tevergeefs de Belastingtelefoon te bellen om te vragen of het ook digitaal kon, of de inlogcodes met spoed konden worden toegezonden, nu er zo weinig facturen waren. Ik wilde overleggen over de frequentie van aangifte doen. Ik bleef eindeloos in de wachtrij staan en besloot het formulier dan toch maar ambachtelijk in te vullen. Ik stopte het in de bijgeleverde (eveneens blauwe) envelop en postte het. Klaar! Dacht ik.

En nu ligt er out of the blue een forse boete op me te wachten. Dik vijfduizend euro. Zou de Belastingdienst denken dat ik dat ergens heb liggen? Ik kan het niet betalen, al zou ik het willen.

Hoe vaak ik de Belastingtelefoon ook bel, ik kom er niet doorheen. “Alle medewerkers zijn in gesprek. De wachtrij is helaas vol. Probeert u het later nog eens”. Dat doe ik. Niet één keer, maar vijfentwintig keer.

Inloggen op de site lukt ook niet. Omdat ik niet eerder heb ingelogd, ben ik geblokkeerd. Dat gaat -naar later blijkt- automatisch. Ik kan nu niets doen.

De volgende ochtend ben ik alweer meer dan anderhalf uur bellen verder als het bandje mij meldt dat het erg druk is met een wachttijd van zéker een kwartier. Ah! Dat is al een vooruitgang. Ik besluit te wachten en krijg 25 minuten later een medewerker aan de lijn. “Ik begrijp dat u bent geschrokken”, zegt ze, na mijn korte uitleg waarover ik bel. “Waarom stuurt u het dan?” vraag ik haar vinnig. De dame aan de telefoon kan er ook niets aan doen. Ze geeft geen antwoord. Ik vervolg: “Ik heb het per post aan jullie opgestuurd, omdat ik jullie bij voortduring niet kon bereiken om te overleggen. Het was een aangifte van niets, met mijn kleine net gestarte eenmanszaakje”. Ze vertelt dat er een inschatting wordt gemaakt van de omzet. Daarover wordt belasting berekend. En daar worden dan meteen boetes over opgelegd. Eén voor het vermeend niet indienen, één voor het te laat betalen. Toe maar. Ze meldt me nog dat ze denkt dat het wel goed zal komen. Ik slik mijn sissende: “het is je geraden” net op tijd in. De boete parkeren of uitstel voor de aangifte verlenen kan ze niet. Mijn betalingsverplichting blijft onverminderd van kracht.

Welke ambtenaar maakt een inschatting van een omzet van 5000 euro per half kwartaal voor een net begonnen creatief eenmanszaakje? Knappe jongens daar.

De irritatie groeit. “Ik stuur u nieuwe inlogcodes toe, daarmee kunt u alsnog de aangifte digitaal doen en kunnen wij de aanslag eventueel herzien. U kunt dan meteen bezwaar aantekenen”. Ik zucht. Wat een werk! Hier geldt dus niet dat je onschuldig bent tot het tegendeel bewezen is. “Binnen tien werkdagen heeft u de nieuwe codes in de brievenbus”, zegt ze. Ik kijk op mijn aanslag. “Dat is te laat”, zeg ik haar: “dan ben ik al voorbij de uiterste betaaldatum. Dan leggen jullie er vast wel weer een derde boete op, neem ik aan?”. Ze lacht schamper. Het lachen is mij vergaan. Ze antwoordt: “u krijgt eerst nog een aanmaning. In die tijd kunt u de aangifte alsnog doen en bezwaar maken”. Het zal krap worden, zeker als je gewoon een fulltime baan hebt.

Ik schrijf de naam van de medewerker op, met de datum en het tijdstip waarop ik haar gesproken heb. Ik ben gefrustreerd. Hoe hard ik ook werk, ik schiet er geen klap mee op. Driewerf hoera voor de Nederlandse regelgeving. Wat een ontmoedigingsbeleid is dit.

Ik heb het mezelf onnodig moeilijk gemaakt. Ik had beter maar gewoon wat dingen onder de radar kunnen doen, het is tenslotte zo weinig dat kip noch kraai het gemerkt zou hebben. Eerlijkheid loont in dit geval niet.

Lang leve de postbezorging. Lang leve de onbereikbare Belastingtelefoon. Lang leve de niet te benaderen lokale Belastingdienst, die het niet mooier kan maken, maar wél frustrerender.

Ik besluit een bezwaarschrift te schrijven op papier en dit met tussenpozen van steeds één dag aan mijn belastingvrienden te sturen. Passief mijn lot afwachten is toch ook niets voor mij? Ik doe het bezwaarschrift in totaal vier keer op de post en schrijf er steeds op dat ik nog niet over de inlogcodes beschik. Kunnen ze in ieder geval niet zeggen dat ze het niet hebben ontvangen.

Zo kom ik niet toe aan dat waar het me om begonnen was. Ik zal de Kamer van Koophandel mijn uitschrijving een dezer dagen toezenden. Ik heb nog wel zo’n leuke blauwe envelop in mijn collectie.

 

 

Eiffel 65: blue
https://www.youtube.com/watch?v=zA52uNzx7Y4

 

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *