Leeg

Mam, kun je zaterdag?”, vraagt zoon 2 me via de app. Hoewel ik weinig spectaculairs meemaak de laatste maanden, staat mijn kalender nog behoorlijk vol, dus ik verzeker me ervan dat ik geen dubbelplanning maak. “Dan komen X en ik met een kar om je spullen naar de stort te brengen”. Niet alleen de schuur, maar ook de gang staat tot de nok vol en er staan inmiddels twee banken onder een zeil in de achtertuin. Ik kan al tijden niet meer bij mijn gereedschap en mijn bloemenvazen.

Het is véél hoor”, waarschuw ik hem nog. “Ja, ja”, bevestigt hij zuchtend. Ik ben blij dat hij samen met een vriend komt om me te helpen. In mijn auto past niet zo veel en ik heb geen trekhaak. Die jonge honden zijn bovendien veel sterker dan ik ben.

Het is tegen tien uur als ik zijn vrolijke snuit in de tuin zie. Ik zie in één oogopslag dat het gehuurde karretje niet zo heel groot is, maar houd wijselijk mijn mond. We stropen de mouwen op en gaan beginnen. Met zoon 2 naar de milieustraat gaan is een feest op zichzelf. De mensen die er werken en dit gelukkig heel serieus nemen, zijn niet zo heel subtiel in hun communicatie. Ze wijzen wat containers aan, kijken verdraaid streng over hun bril naar de aanhanger en schatten de hoeveelheid rommel ogenschijnlijk willekeurig in. Zoon 2 vermaakt zich kostelijk en gooit her en der nog wat olie op het vuur. “We zijn heel blij met jullie”, zegt de gemeente-medewerker: “nu kan die container eindelijk worden afgevoerd, hij is vol”. Hij wrijft in zijn handen en ik kijk nog een keer achterom naar de materiële restanten van mijn leven, terwijl zoon 2 een geanimeerd gesprek aanknoopt met de hard plastic-containerbaas van dienst.

Drie karren verder is al mijn overtollige en gedateerde huisraad verdwenen. De moeder van de vriend, die in de buurt woont, kwam intussen gezellig even een bakje koffie drinken. Op anderhalve meter praten we probleemloos meerdere tussenliggende jaren aan elkaar en we constateren dat ook ons leven in heel ander vaarwater is gekomen toen de pandemie uitbrak en onze zonen, kleuterschoolvrienden, het huis verlieten.

Ik voer de jongens wat koekjes, koffie en broodjes. Ze eten alles met huid en haar op en hebben nog energie voor tien als ze even later vertrekken om elders voetbal te gaan kijken.

Langzaamaan begint mijn leven 2.0 vorm te krijgen. Het jezelf ontdoen van spullen is niet alleen erg praktisch, maar ook symbolisch. Ik sluit er meerdere periodes mee af. En zoals sommige meubelen liefdevolle herinneringen herbergen, zijn er ook artikelen die een ongewenst gevoel oproepen. Weg ermee. Er komen nieuwe inzichten, nieuwe materialen, nieuwe kleuren, er komt rust en ruimte. Er komt berusting en balans. Mijn leven anno 2021 tekent zich steeds helderder af.

Een paar dagen later heb ik een afspraak met een veelbelovende sportvrouw, die me haar verhaal wil vertellen voor in mijn boekje. Ze brengt een prachtige bos bloemen voor me mee. Ik luister, noteer, geniet, bevraag, observeer en verwonder me over de geneugten van en beperkingen bij het uitbouwen van een professionele sportcarrière. Ik huiver bij de offers die je bereid moet zijn ervoor te brengen en constateer dat ook het Nederlands vrouwenvoetbal een bikkelharde wereld is. Wat een mooi verhaal zal het worden!

Als ik een paar uur later de schuur open trek, om een bloemenvaas te pakken, breek ik haast mijn nek. Midden in de schuur staat ineens een grote scooter geparkeerd. De schuur stinkt naar benzine. WTF! Wat doet dat ding hier?

Ik app de eigenaar. “Mijn scooter is kapot mam”, zegt hij: “en ik had die schuur natuurlijk net leeg gemaakt, dus ik dacht, ik parkeer ‘m daar even, want dan gaat ‘ie niet roesten. Er komt binnenkort een scootermonteur om ‘m te fixen”. Een glad sausje van drama over het ver moeten lopen met een defecte scooter aan de hand, het hebben van een bijbaan en het afhankelijk zijn van vervoer doet het bij zijn moeder goed genoeg om het ding in de schuur te gedogen.

Ik kijk het anderhalve week aan, maar stel hem dan een limiet, door hardvochtig te dreigen met het verpatsen van het vehicle ten gunste van mijn eigen bankrekening. Het helpt.

De schuur is inmiddels leeg. Net als mijn zolder, mijn gang, mijn tuin en mijn slaapkamer. “En net als jouw hoofd”, vult de zoon in kwestie spottend aan.

Nu nog zien het zo te houden.

Biffy Clyro: space

Then slowly one by one, we carried our past and cradled the storm
we tried to conceal, the scars we wore
‘cause we couldn’t show what we couldn’t show

Our joy lives in the moments we share
Love’s truest meaning lives when you’re not there

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

2 reacties

Esther · 4 februari 2021 op 23:27

Dapper om rigoureus op te ruimen!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Dromen