Hoekig

Nu ik mijn slaapkamer heb opgeknapt, word ik niet meer vanzelf wakker als de zon op komt. Aardedonker is het binnen, zodra de gordijnen gesloten zijn. Mijn dag- en nachtritme wordt nu door externe factoren bepaald, zoals een wekker.

Het is nog midden in de nacht als ik wakker word vanwege de warmte. Ik weet niet of het komt door de buitentemperatuur, die ineens extreem hoog is, of door de tweede inenting die ik een aantal uren geleden gekregen heb. Of misschien vanwege de hormonen, want die vieren ook hun eigen feestjes zonder mij als huismeester hiervan vooraf te verwittigen.

(meer…)

Pan

Sinds ik alleen woon, eet ik mijn avondeten voor de televisie op. Dat is dan ook nagenoeg het enige moment van de dag dat ik kijk, dus het valt best mee met mijn kijkgedrag. Mijn eetgedrag is zorglijker, maar dat terzijde.

Vriend X attendeerde me op “Lang leve de liefde’. Een concept waarbij twee mensen 24 uur in een huis verblijven en de mogelijkheid krijgen om hun verblijf bij wederzijdse goedkeuring te verlengen met nog eens 24 uur. Het levert amusante televisie op, waarbij mijn wenkbrauwen meer dan eens achter mijn haargrens verdwijnen. “Wil je dan niets van me weten?”, vroeg een dame vorige week aan haar zwijgzame date, nadat de snijdende stilte een kwartier geduurd had. Hij keek haar verdwaasd aan en haalde zijn schouders op. “Joehoe, vrouw, hij is een man, hè. Die willen meestal niet zoveel weten van een ander“, dacht ik, maar realiseerde me op tijd dat het tamelijk zinloos is om dat hardop tegen de muur te zeggen. “Ik zou niet weten wát op dit moment”, antwoordde de man in kwestie naar eer en geweten. Ze zuchtte diep. Verlengen zat er niet in, gescheiden slapen wél. Beide missies mislukt.

(meer…)

Scheiden

Wanneer koop je nou eens een fatsoenlijke afvalemmer”, klaagt hij die mijn huis maar oncomfortabel vindt. Hij kijkt met afgrijzen naar het plastic afvaltasje dat aan het handvat van mijn aanrechtkastje hangt. Ik glimlach slechts. Het stoorde me eigenlijk nooit zo, zo’n tasje, maar hij vindt het van de ratten besnuffeld en potsierlijk. Sinds hij zijn aversie uitsprak valt mijn oog er ook wel eens op en begin ik van de weeromstuit te vinden dat hij gelijk heeft. Er blijven soms afvalresten aan de hengsels kleven en dan zitten die ook weer aan je handen als je het zakje in de kliko gaat gooien. En in mijn geval zitten die restanten dan daarna weer aan mijn kleren. Hoe het ooit begon? De zakjes waren sneller vol dan een hele afvalemmer, ik gooide ieder vol zakje direct weg en voorkwam daarmee een riekende pedaalemmer. Maar ja…..dat is inmiddels een achterhaald principe. Het dateert uit de tijd dat de nota’s van de afvalstoffenheffing en de stort nog niet mijn halve vakantiegeld in beslag namen. Lang geleden, dus.

(meer…)