Ambivalentie

Mam, ik had een zeven voor het verdedigen van mijn scriptie”, jubelt hij door de telefoon. Wat een opluchting, hij is geslaagd en heeft nu een prachtig diploma op zak. “Het is zó jammer dat een aantal van mijn vrienden niet geslaagd is”. Er stond een mooi feestje op stapel, om het einde van een schoolcarrière te vieren, maar nu wordt dat toch wat minder leuk. Hij is blij, dat het erop zit en dat hij niet meer naar school hoeft voorlopig. Er zal gewerkt moeten worden om in de binnenstad te kunnen blijven wonen en het leven te kunnen blijven vieren. “Moet wel een beetje goeie baan zijn hoor”, zegt hij serieus: “ik ga niet meer voor een tientje per uur ergens achteraan hollen”. Ik luister en huiver.

Met een fles bubbels en een grote zak friet vieren we in de avond met z’n drieën alvast zijn grootse overwinning. Zoon 1 zou er ook zijn, maar die zit wegens Corona opgeborgen in zijn studentenkamer in hartje Amsterdam. En dat is niet fijn, want hij heeft een kamer van het formaat van een bezemkast en dan duren die quarantainedagen wel érg lang. In zijn groep van fanatieke sportkijkers bleek er één die het, zonder het zelf te weten, onder de leden had. Het ging als een lopend vuurtje, ondanks de inenting die zoon 1 al gekregen heeft.

Zoon 1 is druk bezig met zijn scriptie om af te kunnen studeren als jurist. Prachtig vakgebied, het heeft altijd mijn aandacht getrokken, maar nu levert het wat ambivalente gevoelens op. Ik betrap mezelf op de gedachte dat ik blij ben dat hij niet voor het strafrecht gaat kiezen. De aanslag op Peter R. de Vries, waarover al zoveel geschreven is dat ik niets nieuws meer zou kunnen toevoegen, heeft een grote impact ook op mij. Peter is een zakelijke moraalridder, iemand die de onderste steen boven haalt en de publiciteit omarmt om zijn doel te bereiken. Afgezien van zijn persoonlijk voorkomen, dat bij mij soms ook tot irritatie leidt, is hij een vasthoudend vakman. Als hij “ja” zegt, dan is het ook “ja”. Hij deinst niet terug voor bedreiging en verkoos een vrij leven boven een leven beheerst door angst. Het is hem duur komen te staan. En toch denk ik, dat hij het een volgende keer wéér zou kiezen, omdat hij zich niet op zijn knieën wilde laten dwingen door het onrecht. Je wilt vrij leven, maar je kúnt dus niet vrij leven als je breedsprakig en publiekelijk gebruik maakt van je recht op vrijheid van meningsuiting. Als je ageert tegen criminaliteit. Je neemt een risico, het kost je de kop. Van vrijheid is geen enkele sprake. Wat is wijsheid?

Mijn vrienden Mark en Hugo zijn intussen op televisie. De IC-opnames zijn ver teruggedrongen, het aantal besmettingen stijgt vooral onder de jongeren. In mijn kleine kring zie ik het volop gebeuren: zoon 1 heeft Corona, zoon 2 is net uit zijn quarantaine, zoon 3 kan niet naar zijn kamer terug omdat het hele studentenhuis Corona heeft. Het einde van de eenzame opsluiting heeft tot te veel feestjes geleid. “Gelukkig gaan de regels morgenochtend om 6 uur pas in”, lacht net geslaagde zoon 2 met zijn mond vol friet. “Mijn feestje in Utrecht duurt van 12 uur vanavond tot 6 uur morgenochtend. Kan precies nog”. Ik onthoud me van commentaar. Hij weet zelf wel wat ik ervan vind. Tegelijkertijd vind ik dat er wel heel veel gevraagd wordt van de jongere mensen ten gunste van de ouderen en vind ik dat ook niet zo fair. Nog afgezien daarvan: je zou eigenaar zijn van een nachtclub, net open zijn en wéér tot medio augustus dicht moeten. Er is zoveel leed achter de voordeur.

De besmettingsgraad stijgt”, zegt Mark; “en we willen voorkomen dat de druk op de zorg weer toeneemt”. Tot zover duidelijk. In hoeverre moet je puur op angst gebaseerd sturen? De mens lijdt het meest, door het lijden dat hij vreest. We zijn allemaal jong geweest, zouden wij niet hebben gepopeld om het nachtleven weer in te gaan met onze vrienden? Ik wel in ieder geval. Het leven van een puber of adolescent beperkt zich nu eenmaal door de beugel genomen tot één persoon: hij of zij zelf. En misschien zijdelings tot wat vrienden. Meer niet. Het is een tamelijk irritante, maar volstrekt normale ontwikkelingsfase. Je waant je onaantastbaar, onsterfelijk haast. Je neemt een risico, door naar zo’n feest of festival te gaan, maar dat wéét je. Je hebt je laten testen, je betaalt entree, je weet dus wat je doet. Krijg je daarna Corona en word je in je studentenkamer opgeborgen, dan heb je pech. Dat is dan zo.

Hugo oreert over de vakantie, over de codes rood en de diverse toelatingseisen van Europese landen. Mijn aandacht verslapt, maar ik weet niet of dat door Hugo komt of door zijn boodschap. Ik begrijp dat het virus niet weg is, dat we veel te graag en te snel weer normaal willen doen, maar dat het gewoon nog niet kan. Van zijn beweegredenen, dat we de oude en kwetsbare mensen in de samenleving coûte que coûte moeten beschermen, word ik wel een beetje naar. De onderliggende discussie, of je te allen tijde en ten koste van alles, iedereen maar overal tegen moet kunnen beschermen, wordt hiermee nog altijd niet gevoerd. We omzeilen de basisgesprekken. Inenten is een keuze. Je aan de regels houden is een keuze. Je kunt niet iedereen onder een glazen stolpje bewaren. We hebben een niet te temmen behoefte aan vrijheid, wereldwijsheid en welvaart en lijden nu buitenproportioneel onder de opgelegde maatregelen ter controle van een virus dat zich niet laat sturen. Het voelt als vechten tegen de bierkaai. Corona is de Peter onder de virussen.

Hoe ver ga je, in het willen beschermen van een ander? Gaat de wereld weer op slot, ook nu we massaal gevaccineerd zijn? Gaan we mensen als Peter R. de Vries met hun hele families verplicht in bunkers bewaren en bewaken ter voorkoming van aanslagen? Hoe gaan we in Godsnaam met elkaar verder? Wat streven we na, hoe kunnen we aan onze fundamentele behoefte tot wereldwijde vrijheid tegemoet komen en tegelijkertijd onze grenzen bewaken? Wanneer gaan we het met elkaar hebben over de oorzaak in plaats van als een dolle aan de symptoombestrijding te blijven doen?

Aan enige vorm van twijfel ontkomen we geen van allen. Dé waarheid bestaat niet en ieder mens heeft het recht op een eigen visie. Maar als we keuzes zouden durven en mogen maken en de gevolgen daarvan dan ook zouden aanvaarden, zou ons dat een stap dichterbij kunnen brengen. Zachte heelmeesters maken stinkende wonden.

Zoon 2 bruist van de energie als hij laat op de avond met vrienden richting Utrecht vertrekt om het laatste nachtje vóór de nieuwe maatregelen door te feesten. Dochter 1 wordt weggeroepen voor het ter wereld brengen van een nieuwe wereldburger, de tiende in één gezin. Zoon 3 is op vakantie met z’n liefje en zoon 1 zit in quarantaine. De tegenstrijdigheid begint hier al, in mijn eigen gezin. Of eigenlijk nóg kleiner: in mijn eigen hoofd.

Ik volg het nieuws op de voet, maar nu besluit ik -murw geslagen door alle ambivalentie- lam en languit op de bank te kruipen om naar de nieuwe afleveringen van Virgin River te kijken. Blik op oneindig, verstand op nul. Even ontspannen. Met de slogan: “zitten is het nieuwe roken”, in mijn achterhoofd hak ik de serie dit weekeind maar in delen. Ik word er zelf niet goed van dat iedereen overal iets van vindt, maar tóch houdt het me bezig. Misschien is dát ook het gevolg van een leven waarin je zoveel keuzes kunt maken: niets is wat het lijkt. Iedere medaille heeft een keerzijde. Ieder argument kent een tegenargument. Er is geen begin en geen einde.

Ik hoop dat de familie van Peter R. de Vries niet voor de keuze staat om medisch handelen wel of niet te continueren. Peter koos bewust niet voor een leven als muurbloem. Het vooruitzicht van wakker worden als kasplantje lijkt me in zijn geval geen optie. Ik hoop dat dit niet de situatie is, maar als dit het wél is, dan hoop ik dat er een keuze gemaakt kan worden op basis van menselijkheid en niet op basis van medische capabiliteit. Een keuze die recht doet aan hoe iemand in het leven staat. Hij kende de risico’s als geen ander en besloot deze te nemen ten gunste van zijn vrijheid en levensvreugde. Diep respect heb ik daarvoor. Dat zijn keuze om te leven zonder beperkingen en beveiliging en onvermoeibaar op te komen voor onrecht tot de kogel leidt in een land waar de doodstraf uit humaan oogpunt al decennia lang is afgeschaft, is contradictorisch en volstrekt onaanvaardbaar. Daar mogen we ons niet bij neerleggen.

Zitten is het nieuwe roken. Is zwijgzaamheid de nieuwe tolerantie en onverschilligheid het nieuwe haat? Leidt ambivalentie tot vertroebeling? Grijze muizen hebben we genoeg. We hebben een verantwoordelijkheid te dragen ten opzichte van elkaar, maar vooral ten opzichte van onszelf. Zonder actie beweegt er niets, zelfs niet op hele kleine schaal.

We kunnen allemaal in vrijheid leven, als we elkaar slechts met woorden bevragen en respectvol bekritiseren. Een fysieke aanslag op een mensenleven is niet alleen een teken van haat, maar vooral van onverschilligheid. Als je ook maar één moment een gevoel van betrokkenheid zou hebben bij het slachtoffer of één van diens omstanders, dan zou je niet in staat zijn koelbloedig iemand neer te schieten te midden van zoveel willekeurige getuigen, die nu ook met de psychische gevolgen ervan kampen. Onverschilligheid is ongrijpbaar, leeg en gevaarlijk. Passiviteit en besluiteloosheid zijn keuzes.

Misschien kunnen de grote pharmacietijgers dáár een vaccin voor bedenken? En tot het zover is rest ons weinig anders dan kritisch in de spiegel te blijven kijken, ons geweten aan te blijven spreken en te duimen dat Peter R. de Vries deze aanslag op een menswaardige manier overleeft.

Alles wat groot is, begon ooit klein
Je hoeft niet meteen een vlinder te zijn
(Marco Borsato)

3 reacties

Mark-Jan · 10 juli 2021 op 14:18

Hi Wendela! Wat spreek jij toch enorm de kunst van taal, letters en woorden! Het is zo bijzonder mooi hoe je schrijft, bruggetjes maakt en verbindingen legt. Met deze kunst toon je wat je beroert en tegelijkertijd mogen we een glimp opvangen van je innerlijke schoonheid (uiterlijk ook, maar die tonen de letters niet). Dank je wel!

    Wen. · 10 juli 2021 op 14:22

    Dat is lief van je, dankjewel. Het begint een levensbehoefte te worden, om te kunnen schrijven wat me bezig houdt. Fijn dat je leest, blij met je steun, het helpt!

      Wen. · 20 juli 2021 op 22:09

      Ik werd er terecht op gewezen dat ik in mijn blog voorbij ben gegaan aan de dood van politieman Arno. Deze botsing, die fataal afliep voor Arno, werd in het nieuws overschaduwd door de aanslag op Peter R. en later ook de overstromingen in Limburg. Arno stond ook midden in het leven en had een dienstbaar beroep, dat hij al vele jaren vol vuur uitoefende. Hiervoor geldt hetzelfde als voor de aanslag/moord op Peter R.: het recht is krom en geen straf zal genoegdoening brengen voor de nabestaanden.

Geef een reactie

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *